|
Zondag 8 november 2026
om 10.00 uur
Kerkdienst Dorpskerk, Ionaviering
Voorganger(s): ds. Rik Willemsen
Tekst(en): Leviticus 19:9-10, Mattheüs 13:1-9, 24-30
Organist: Lisette van Veluw
1e collecte: Palestina - Zorg voor kwetsbare gezinnen op de Westbank
2e collecte: Kerkelijk beheer
Deze dienst wordt voorbereid door de vertrouwde Iona-groep.
We sluiten ons qua thematiek aan bij de dankdag voor gewas en arbeid.
Naast dankbaarheid voor de oogst, in welke vorm dan ook, horen we ook een kritisch geluid. We oogsten wat af en putten de aarde daarmee uit. Niet al ons geoogst is
reden tot dankbaarheid. We kiezen voor een positiefkritische insteek deze zondag en maken onze dankbaarheid ook tastbaar door u op te roepen producten voor de voedselbank mee te nemen.
Aan het eind van de viering is een calamiteitenoefening gepland om het nieuwe EHBO / BHV protocol te testen.
Er wordt van u geen actieve rol verwacht, behalve 10 minuutjes ‘nablijven’ na de kerkdienst,
terwijl de calamiteit wordt opgelost door de aanwezige BHV’ers en EHBO’ers.
Leviticus 19:9-10
9 Wanneer je de graanoogst binnenhaalt, oogst dan niet tot aan de rand van de akker en raap wat blijft liggen niet bijeen.
10 En wanneer je bij de wijnoogst druiven plukt, loop dan niet alles nog eens na en raap niet bijeen wat op de grond is gevallen, maar laat het liggen voor de armen en de vreemdelingen. Ik ben de HEER, jullie God.
Mattheüs 13:1-9, 24-30
1 Die dag verliet Jezus het huis en ging aan de oever van het meer zitten.
2 Er kwam een grote mensenmassa om Hem heen staan, en daarom ging Hij in een boot zitten, terwijl de menigte op de oever bleef.
3 Hij sprak in allerlei gelijkenissen tot hen: ‘Een zaaier ging eropuit om te zaaien.
4 Tijdens het zaaien viel een deel van het zaad op de weg, en er kwamen vogels die het opaten.
5 Een ander deel viel op rotsachtige grond, waar maar weinig aarde was, en het schoot meteen op omdat het niet diep in de grond kon doordringen;
6 en toen de zon opkwam verschroeide het, en doordat het geen wortel had droogde het uit.
7 Weer een ander deel viel tussen de distels, en toen die opschoten verstikten ze het.
8 Maar er viel ook zaad in goede grond, en dat droeg vrucht, deels honderdvoudig, deels zestigvoudig, deels dertigvoudig.
9 Laat wie oren heeft goed luisteren!’
24 Hij hield hun een andere gelijkenis voor: ‘Het is met het koninkrijk van de hemel als met een mens die goed zaad op zijn akker uitzaaide.
25 Terwijl de mensen sliepen, kwam zijn vijand giftig onkruid tussen het graan zaaien en vertrok weer.
26 Toen het jonge gewas opschoot en vrucht begon te dragen, kwam ook het onkruid tevoorschijn.
27 De knechten kwamen de heer des huizes vragen: “Heer, hebt u soms geen goed zaad op uw akker gezaaid? Waar komt dat onkruid dan vandaan?”
28 Hij antwoordde: “Dat is het werk van een vijand.” De knechten zeiden tegen hem: “Wilt u dat wij het onkruid weghalen?”
29 Hij antwoordde: “Nee, want dan zouden jullie met het onkruid ook het graan lostrekken.
30 Laat beide samen opgroeien tot aan de oogst, dan zal ik, wanneer het oogsttijd is, tegen de maaiers zeggen: ‘Haal eerst het onkruid weg, bind het in bundels bij elkaar en verbrand het. Breng dan het graan bijeen in mijn schuur.’”’
|